Wie is de aanbestedende dienst?

Aanbestedende diensten werken vaak met elkaar samen, ook bij het in de markt zetten van de aanbestedingsprocedure. Vaak doen ze dat gezamenlijk, maar regelmatig is een van de aanbestedende diensten de kartrekker en besteedt zij de opdracht aan voor de rest van de aanbestedende diensten. Maar welke aanbestedende dienst moet je dan in rechte betrekken als je bezwaar wilt maken? En wat is de consequentie als je de verkeerde aanbestedende dienst in rechte betrekt? Voor die vragen zag de Rechtbank Rotterdam zich gesteld in een recente uitspraak.

Wat speelde er precies?

De gemeenschappelijke regeling Sociaal (hierna: “GRS”) is een gemeenschappelijke regeling van een zevental gemeenten in de regio Dordrecht. Zij heeft als gedelegeerde taak de uitvoering van onder andere de WMO. In dat kader heeft GRS een aanbesteding georganiseerd voor de levering en onderhoud van trapliften. In de aanbestedingsstukken stond dat GRS de aanbestedende dienst is en dat er een bezwaartermijn gold van 20 kalenderdagen. Onder andere Smienk Trapliften en Otoliften dienden een inschrijving in. Na beoordeling van de ingediende inschrijvingen liet GRS op 6 november 2025 aan de inschrijvers weten voornemens te zijn de opdracht te gunnen aan Otoliften.

Smienk kan zich hiermee niet verenigen en meent dat Otoliften niet kan voldoen aan het programma van eisen. GRS reageert hierop door te stellen dat zij gecontroleerd heeft of Otoliften kan voldoen aan het programma van eisen en dat daaruit kwam dat Otoliften kan voldoen aan het programma van eisen. Vervolgens dagvaart Smienk op 26 november 2025 de zeven gemeenten die deelnemen in GRS. Pas op 18 december 2025 dagvaart Smienk GRS zelf.

Het belangrijkste verweer in deze van GRS is dat Smienk niet-ontvankelijk is, omdat zij buiten de bezwaartermijn – dat een vervaltermijn is – GRS heeft gedagvaard. Dit verweer treft doel. Hoewel Smienk tijdig een dagvaarding heeft uitgebracht aan de zeven gemeenten, zijn deze zeven gemeenten niet de aanbestedende dienst in deze aanbesteding. In de aanbestedingsstukken staat heel duidelijk dat GRS de aanbestedende dienst is. De vorderingen van Smienk ingesteld tegen de zeven gemeenten zijn daardoor niet-ontvankelijk.

Eenzelfde lot treft de vorderingen die Smienk heeft ingesteld tegen GRS. GRS is pas op 18 december 2025 gedagvaard. Dat is ruim buiten de twintig dagen bezwaartermijn. Hierdoor zijn de rechten van Smienk om bezwaar te maken, komen te vervallen. Ook deze vorderingen zijn dus niet-ontvankelijk, aldus de voorzieningenrechter. De inhoudelijke argumenten van Smienk over de vraag of Otoliften kan voldoen aan het programma van eisen, blijven hierdoor dus onbesproken.

Deze uitspraak laat mijns inziens heel duidelijk zien dat goed lezen loont. Het is extreem belangrijk dat je als bezwaarmakende inschrijver de juiste aanbestedende dienst in kort geding betrekt. Als het op basis van de aanbestedingsstukken niet duidelijk is wie exact als aanbestedende dienst optreedt, heb je als bezwaarmaker twee opties. Of je stelt een vraag aan de aangewezen contactpersoon wie als aanbestedende dienst optreedt en wie dus in rechte betrokken moet worden of je start het kort geding tegen alle aanbestedende diensten die betrokken zijn bij de aanbestedingsprocedure.

In het eerste geval weet je exact wie de aanbestedende dienst is en mag je vertrouwen op de uitlatingen van de contactpersoon. Een rechter zal de bezwaarmaker die afgegaan is op die mededelingen daardoor nooit niet-ontvankelijk verklaren. In het tweede geval zit je altijd veilig. Je hebt dan in ieder geval de juiste aanbestedende dienst gedagvaard. Mocht je teveel aanbestedende diensten in rechte hebben betrokken, dan zijn je vorderingen wat hen betreft niet-ontvankelijk, maar richting de juiste aanbestedende dienst ben je in ieder geval wel ontvankelijk.

Dat neemt niet weg dat Smienk zich in deze casus veel problemen had kunnen voorkomen door simpelweg de aanbestedingsstukken goed te lezen. Nota bene in de aanbestedingsstukken zelf stond duidelijk benoemd dat GRS de aanbestedende dienst was. Om dan vervolgens toch de achterliggende gemeenten te dagvaarden en niet GRS voor de zekerheid mee te nemen, heeft Smienk naar mijn mening een onnavolgbare stap gezet. Een stap met zeer verstrekkende gevolgen.


Geplaatst

in

door

Tags:

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *