Met grote regelmaat kom je in een aanbestedingen tegen dat een VCA* of ** certificaat wordt gevraagd door de aanbestedende dienst. De grote vraag is dan altijd “is het gevraagde certificaat een geschiktheidseis of een uitvoeringseis?” Vaak is het duidelijk, maar soms ook niet. Het belang van deze vraag zit hem in het moment dat je over het betreffende certificaat moet beschikken. Is het namelijk een geschiktheidseis dan moet je er normaliter over beschikken op het moment van inschrijver. Is het een uitvoeringseis, dan moet je in de inschrijving verklaren dat je tijdens de uitvoering van de opdracht kan beschikken over het betreffende certificaat. Maar wanneer is het nu het een en wanneer is het nu het ander? Voor die vraag zag de rechtbank Den Haag zich geplaatst in een recente uitspraak.
Wat speelde er nu precies?
Het Centraal Bureau voor de Statistiek had een Europese aanbesteding georganiseerd voor het leveren en plaatsen van (kantoor)meubilair. In het programma van eisen was opgenomen dat de opdrachtnemer diende te beschikken over een VCA* certificaat. Verder was opgenomen in de aanbestedingsstukken dat inschrijvers in hun inschrijving moesten verklaren te kunnen voldoen aan de minimumeisen welke waren opgenomen in het programma van eisen. Bij de lijst met geschiktheidseisen en te overleggen bewijsstukken na inschrijving was het VCA* certificaat niet opgenomen.
Het CBS ontvangt drie inschrijvingen, waaronder de inschrijving van Gispen. Gispen beschikt over een VCA* certificaat. Na beoordeling van de ingediende inschrijvingen is het CBS voornemens om de opdracht te gunnen aan een ander dan Gispen. Gispen eindigde op de tweede plek in de rangschikking. Gispen constateert echter dat de winnende inschrijver (nog) niet beschikt over een VCA* certificaat. Zij stelt daarover vragen aan het CBS en verzoekt de inschrijving van de winnende inschrijver alsnog terzijde te leggen. Het CBS gaat hierin niet mee. Gispen besluit vervolgens een kort geding te starten.
Een van haar argumenten in kort geding is dat een VCA* certificaat een geschiktheidseis is en dat de winnende inschrijver op het moment van inschrijven niet beschikte over het VCA. Dit zou er aldus Gispen toe moeten leiden dat deze inschrijving terzijde gelegd moet worden. De rechtbank gaat niet mee in dit betoog. De rechtbank begint met kijken of het VCA* certificaat een geschiktheidseis was of een minimumeis uit het PvE en dus een uitvoeringseis. In het laatste geval hoeft de inschrijver namelijk pas tijdens de uitvoering te beschikken over het VCA* certificaat. Niet ter discussie stond dat de winnende inschrijver tijdens de uitvoering over het VCA* certificaat zou beschikken.
Om te beoordelen of het VCA* certificaat een geschiktheidseis is of een uitvoeringseis, gaat de rechtbank de aanbestedingsstukken taalkundig interpreteren op basis van het transparantiebeginsel. Maatgevend in deze interpretatie is dat de eis was opgenomen in het programma van eisen, gesproken werd over opdrachtnemer en dat het programma van eisen als minimumeisen aan de uitvoering waren gesteld. Daar voegt de rechtbank aan toe dat het VCA* certificaat niet was opgenomen in de lijst met geschiktheidseisen uit de aanbestedingsstukken en evenmin was opgenomen op de lijst met bewijsstukken die een inschrijver na inschrijving moest overleggen. De behoorlijk geïnformeerde en normaal oplettende inschrijver kon dus in alle redelijkheid deze eis niet anders interpreteren dan als een uitvoeringseis.
Nu het gaat om een uitvoeringseis hoefde de winnende inschrijver op het moment van inschrijven nog niet over dit certificaat te beschikken. De vordering van Gispen strand dus. Het CBS kon en mocht de opdracht gunnen aan de winnende inschrijver.
Het belang van deze uitspraak zit mijns inziens in de wijze waarop de rechtbank beoordeelt of er sprake is van een uitvoeringseis of een geschiktheidseis. Aan de hand van de omschrijvingen in het aanbestedingsdocument moet taalkundig gekeken worden of iets een geschiktheidseis is of een uitvoeringseis. Dit ligt volledig in lijn met vaste jurisprudentie op het gebied van taalkundige uitleg van aanbestedingsdocumenten.
Geef een reactie